De Beemster Bengel
"Thuis in de Beemster"
Gebeurtenissen in en nieuwtjes uit de Beemster
van, voor en over Beemsterlingen


 
Start
Redactie
Agenda
Nieuwsarchief
Foto-impressies
In gesprek met
Verenigingen
Gastenboek
Over de Bengel
Links

Contact

Beemsterlied
Frans Dekker liet Prins Willem in miniatuur van stapel lopen

Zo moet het beroemde VOC schip Prins Willem er hebben uitgezien dat op 5 mei 1651 nagelnieuw de haven van Middelburg uitvoer. Frans Dekker uit Zuidoostbeemster bouwde het anno 2006 in miniatuur na 1:50.

Het was een heidens werk om alle onderdeeltjes precies op de millimeter te maken, maar op de kanonnetjes na is alles met de hand precies op schaal gemaakt. Trots wilde hij het vlaggenschip van de VOC na vier jaar meten, zagen, schuren en verven wel eens laten zien, voordat het naar zijn uiteindelijke bestemming gaat. In de kamer waar het schip op de scheepsbouwwerf Dekker is verrezen, staat ook een grote collectie flessenscheepjes, de oorspronkelijke hobby van Dekker.

Rijkversierd
De Prins Willem was waarschijnlijk het grootste spiegelschip dat ooit door de VOC werd gebouwd. Het schip, 68 m. lang met twee 54 meter hoge hoofdmasten, was rijk decoreerd met veel hardhouten beelden en een boegbeeld van een klauwende leeuw. De hekspiegel bestond uit opengewerkt houtsnijwerk met beelden van prins Willem II , leeuwen  bazuinende engelen, strijders, waternimfen en een dolfijn. Het schip had twee volle dekken maar door grote diepgang kon er in tijd van oorlog boven het vrachtruim een benedentussendek voor extra soldaten worden gebouwd. De Prins Willem maakte als koopvaardijschip acht keer de reis naar Batavia. Ruim 400 mannen zijn dan een halfjaar van huis. Gedurende de reis sterft 20 procent van de bemanning. Op ieder schipwas naast de kapitein nog een baas aan boord, namelijk een koopman, die zeggenschap had over de lading. In vredestijden was het schip voorzien van 32 kanonnen, maar het heeft ook dienst gedaan als oorlogsschip. Daarvoor moesten de nodige voorzieningen (meer kanonnen) worden aangebracht. 

Replica
De miniatuur van Dekker dat een lengte heeft van 1.42 m, hoefde gelukkig niet alleen van tekeningen te worden nagebouwd. Er bestaat namelijk een replica op ware grootte en die ligt als toeristische attractie in het themapark Cape Holland op de oude marinewerf in Den Helder. Het werd in 1983 aan de hand van tekeningen en een bewaard gebleven maquette uit 1650, nagemaakt op een scheepsbouwwerf in Makkum en was bestemd voor Holland Village bij Nagasaki in Japan. De kranten stonden toen bol van de verhalen over de bouw en de versleping naar Japan in een dok, want zelf varen kan deze replica niet. Maar uiteindelijk is het schip dan toch weer op de Hollandse ree teruggekeerd.

Flessenscheepjes
Een dergelijk schip namaken spreekt natuurlijk wel tot de verbeelding van alle miniatuurbouwers en zeker bij Frans Dekker, die al een hartstochtelijke flessenscheepjesbouwer was, meestal van historische schepen. In zijn knutselkamer staan er heel wat in een stelling opgesteld. Hij heeft zijn scheepjes ook wel eens tijdens de Open Dag Beemster laten zien, bijvoorbeeld in 2001. 
Eerder had hij van de Prins Willem dus al eens een flessenscheepje gemaakt. Een vriend vroeg toen of Frans dit schip in miniatuur 1:50 voor hem kon maken. Dat heeft hem bij elkaar zo'n drie duizend uren zoet gehouden. 
Zo pietepeuterig als hij met de flessenscheepjes bezig was, zo heeft hij ook alle dingen op de Prins Willem nauwkeurig op schaal nagemaakt. Zo is de kapiteinskamer volledig ingericht. 
Frans gaat ook nog een viertal minicamera's inbouwen, zodat het hele interieur van het schip kan worden bekeken. 

TarmenGoud
Dekker was wel de vrije hand gegeven wat betreft de aankoop van materiaal en hij heeft het beste er voor gebruikt, zoals origineel eikenhout. Omdat het schip opgebouwd werd van latjes van slechts 2 mm dik, is er veel snijverlies. "Je kunt maar tien procent van het hout echt gebruiken", zegt Frans. Voor de beelden gebruikte hij buxushout. De gele poppetjes langs de reling werden tarmen genoemd. 
Destijds waren de Prinsenjachten rijk versierd met goud. Gewone koopvaardijschepen, zoals de Willem II mochten, met uitzondering van de manen van de leeuw, geen goud gebruiken. Daarom werd een speciale kleur chromaatgeel gebruikt, dat glanzend opgepoetst wel als goud leek. Dus dat heeft Frans ook op zijn schip gedaan.


Broodkamers

De beeldjes op het achterdek werd hoekmannen genoemd. Het kon niet anders of Frans kwam tijdens de bouw van zijn schip op allerlei bijzondere gegevens. Zo weet hij dat aan beide kanten van het achterschip de 'broodkamers' waren. Daar werd het meel opgeslagen, waarvan tijdens reis brood werd gebakken. Tussen de beide broodkamers zat de kruitkamer. Als een schip werd aangeschoten dan dienden de broodkamers als buffer. 
Het schip had ook geen roer, maar werd aangestuurd door een kolderstok. Die zat binnen in het schip. De roerganger had helemaal geen zicht en moest reageren op aanwijzingen. Het was heel zwaar werk om die kolderstok te bedienen. Vaak stonden er twee roergangers tegelijk aan te draaien en dat was alleen nog maar als er sprake was van rustig weer. Als er veel wind stond, dan werd het roer ook nog bediend door aan de kabeltouwen te trekken, die langs de kiel liepen. 

Historie
Bij zo'n karwei laat de geschiedenis je natuurlijk niet los. Zo zocht Frans in allerlei boeken naar de historie van het schip. Hij weet dat de Prins Willem in 1652 bij terugkomst van zijn eerste reis naar Indië meteen een oorlogsbestemming kreeg. 
Er werden extra geschutspoorten aangebracht om meer kanonnen te kunnen plaatsen (totaal zestig) en er kwam een extra dek op voor het legeren van meer soldaten. Zo werd het spiegelschip de Engelse oorlog ingestuurd onder aanvoerderschap van Admiraal Witte de With. Bij Duins werd een hevige slag geleverd, waarbij het schip zwaar werd beschadigd. 
Het vluchtte terug naar Nederland, werd weer opgekalefaterd en daarna mocht het weer ter koopvaardij varen. De zware bewapening bleef echter aanwezig. 

Laatste reis

De laatste reis van Willem II was in 1662. Het schip maakte daarbij deel uit van een konvooi van zeven schepen, die in een orkaan belandden en op één na zonk. Van dit schip, De Arnhem, heeft de bemanning zich in sloepen het vege lijf weten te redden. Ze keerden terug naar Nederland en zo is de geschiedschrijving over deze scheepsramp in de annalen opgetekend.



Samen
Zoals eerder gezegd: alles zit er op en er aan: de reddingssloep, het kraaiennest en de hele tuigage en (niet te vergeten): er zitten prachtige zeilen op. Die werden met de hand door echtgenote Greet gemaakt. "Gewoon van ongebleekt katoen", verklapt ze. "Maar wel katoen met een speciale structuur. Op een schip als dit mag natuurlijk niet met moderne stof gewerkt worden. Iets wat wel geschikt leek, bleek kunststof te bevatten en dat past niet. "
Ze hebben samen met heel veel plezier aan Prins Willem gewerkt en ook veel van geleerd. 

Al met al is het schip mét de zeilen een wonder van knutsel- en naaldkunst geworden.