De Beemster Bengel
"Thuis in de Beemster"
Gebeurtenissen in en nieuwtjes uit de Beemster
van, voor en over Beemsterlingen


 
Start
Redactie
Agenda
Nieuwsarchief
Foto-impressies
In gesprek met
Verenigingen
Gastenboek
Over de Bengel
Links

Contact

Beemsterlied
Jan van Waard exposeert bodemvondsten in Gemeentehuis

Middenbeemster, 5 juli 2007

Van 5 juli t/m 1 oktober valt in het Gemeentehuis Beemster een bijzonder boeiende tentoonstelling te bekijken.
Het zijn de bodemschatten, die de Beemsterling Jan van Waard met zijn detector aan de bodem van de Beemster heeft weten te ontfutselen.

Maar ook heeft hij in zijn tentoonstelling de bijzondere bodemvondsten van zijn helaas in 1987 overleden collega-archeoloog Henk Tol opgenomen . De tentoonstelling heeft de naam "Archeologisch onderzoek, Leven op stand in de Beemster" meegekregen.

Archeologisch erfgoed
Op woensdagmiddag werd de tentoonstelling geopend door wethouder Han Hefting. In zijn toespraak memoreerde deze, dat de tentoonstelling een beeld geeft van vondsten die in eigen bodem zijn gedaan en die als kwetsbaar en waardevol archeologische erfgoed moeten worden beschouwd. Dit is een onderdeel van de cultuurhistorische identiteit van de gemeente en het maakt deel uit van de publieke ruimte, een niet te onderschatten belang voor het verkrijgen van maatschappelijk draagvlak. Met het oog op de viering van 400 jaar droogmakerij De Beemster werd de tentoonstelling als een goede aanloop beschouwd om het archeologisch verleden te plaatsen tegen het decor van heden en toekomst.

Daarna bood Hefting de exposant een bijzondere oude kaart van de Beemster aan, waarmee van Waard zeer in zijn nopjes was.

 

Na de opening kregen de aanwezigen volop gelegenheid de fraai ingerichte vitrines bekijken. Flessen, sieraden, gespen, potjes, munten, gewichten scherven... noem maar op. Allemaal voorwerpen, die van Waard in ruim een eeuw gevonden heeft.
Daar waren bijzondere dingen bij, zoals een behoorlijk gaaf schoentje uit de 16de eeuw: een heel brede slipper, want dat was toentertijd mode.
Maar ook tussen al die stukken een glazen snotje. Waar dat voor gebruikt was, wilde van Waard wel vertellen. "Je moet het zien als een soort dampoverstuiver. Als je 'snotverkouden' was, dan werden daar riekende kruiden in gestopt en dan moest je dat inademen.

Alles wat ik vind, vind ik bijzonder
Echt potten met vol met gouden munten heeft Jan niet opgegraven en daar is hij dus ook niet rijk van geworden. Hij is gewoon geïnteresseerd in de geschiedenis van de Beemster wat betreft archeologie. Het is voor hem een sport bijzondere oude dingen te vinden. En daarom is hij blij met alles wat hij vindt van boothaken en netverzwaringen (die nog dateren uit de tijd dat de Beemster een meer was) tot gouden trouwringen, waarvan hij, als hij vermoedt dat ze meer recentelijk zijn verloren, probeert de eigenaar te traceren en terug te geven.
Thans is hij voorzitter van de archeologische werkgroep Purmerend. Hij is er zeer content mee, dat bij nieuwbouw op plekken waar voorheen gebouwen hebben gestaan, eerst archeologisch onderzoek plaatsheeft. Dat is dus ook gebeurd dat bij de nieuwbouw van de supermarkt in Middenbeemster. . "Jammer is het wel, dat heet onderzoek heel snel moet gebeuren", vertelt hij. "Je krijgt amper de tijd om dat grondig te doen. Bij de Super heb ik uit een hoop opzij gegooide grond toch nog een mooi gaaf bord kunnen opdiepen."

't Landje
In de vitrine met munten en gewichten centraal in de hal is heel wat het bekijken waard. Daar zijn heel bijzondere en waardevolle florijn uit 1611 munten bij. Bijvoorbeeld de Rijderschelling die in Nijmegen in 1689 werd geslagen. "Ja, er zaten hier toen heel veel rijke mensen, hoor", aldus van Waard.
De oudste gevonden florijn dateert van 1611 en was afkomstig uit Savoy een hertogdom in Italië. In dat jaar was de Beemster nog net niet drooggevallen.
Maar er waren ook heel veel gewone munten, zoals duitstukken en twee stuiverstukken te bekijken. Veel van die munten heeft Jan op 't Landje in Middenbeemster gevonden. "Dat heb ik helemaal omgeploegd. Daar zit niets meer, tenzij je misschien op een halve meter diepte zou gaan zoeken". Maar ook elders in de Beemster heeft hij met zijn detector bezocht en van alles uit de grond opgevist.



Trouwringen, zakhorloges, vorken en lepels, sieraden, kleine bronzen beeldjes... van dat alles is op de tentoonstelling wel wat te vinden. Veel uit het verleden, maar ook van minder oude datum, zoals de fietsplaatjes, die in de periode voor de oorlog op de fiets bevestigd moesten zijn. Het was een belastingheffing op fietsen. Daarbij werd wel heel duidelijk verschil gemaakt tussen "koopkrachtigen" en "steuntrekkers" . Deze laatsten kregen een gratis plaatje. Daarin was een gaatje was geponst en dus waren ze met hun fiets goed herkenbaar. Het werd als heel vernederend ervaren. Men schaamde zich er voor.

Henk Tol
Uiteraard is Jan van Waard zeer verheugd over het feit dat van de gemeente Beemster zelf het verzoek was uitgegaan om deze tentoonstelling in te richten. Het stond voor hem meteen vast, dat hij ook de oudheidskundige opgravingen van zijn vriend Henk Tol daarin mee zou nemen.




Helaas is de vinder van deze prachtige en bijzondere stukken, zoals deze bijzonder fraaie en door verwering aangetaste glazen oude fles niet meer onder ons, anders had hij ook heel veel interessante verhalen over zijn vondsten kunnen vertellen.

De tentoonstelling "Archeologisch onderzoek,"Leven op stand in de Beemster" is tot 1 oktober te bezoeken.