De Beemster Bengel
"Thuis in de Beemster"
Gebeurtenissen in en nieuwtjes uit de Beemster
van, voor en over Beemsterlingen


 
Start
Redactie
Agenda
Nieuwsarchief
Foto-impressies
In gesprek met
Verenigingen
Gastenboek
Over de Bengel
Links

Contact

Beemsterlied
Het Nut afdeling Beemster op koffievisite bij Betje

Middenbeemster, 23 november 2011

Het Nut afdeling Beemster had voor leden en belangstellenden op donderdag 17 november een bijzondere avond georganiseerd in samenwerking met Museum Betje Wolff: een avondvisite in het leuke museum van Middenbeemster, waar de geest van Betje na bijna twee en een halve eeuw nog steeds een beetje lijkt rond te waren. Verwonderd wellicht. Dat wel, want in haar toenmalige woning, de pastorie van haar echtgenoot dominee Wolff is nogal het één en ander veranderd. Maar toch op haar zolderkamertje, dat ze in haar geschriften 'Kippenrust' noemde, zal ze wel tevreden zijn geweest, omdat de inrichting met zorg zo veel mogelijk naar haar beschrijving er van is geschied: de boeken, die langs de wanden staan, het behang en de rust die het haar gaf als ze aan haar secretaire voor het raam zat te schrijven of naar buiten keek op de pastorietuin en de kerktoren. Ze luisterde er ook naar de stemmetjes van kinderen die in het buurtje bij de kerk woonden en buiten speelden.

Voor de leden van het Nut deden bestuursleden Aafje de Jong, Alie Vis en Geert Heikens hun best om de sfeer die bij het museum hoort, bijna tastbaar te maken. Maar alvorens een 'verkenning' door het huis werd gemaakt, werd eerst een heerlijk bakje koffie geschonken door gastvrouw Aafje en met een praatje ingeleid door Geert.

Aan hem was de eer om bij de bezoekers de magie op te roepen over de tijd toen Betje hier met haar Adriaan, verbleef. Hij hing een verhaal op over hoe anno 1755-1777 de kaarten in politiek opzicht geschud zouden kunnen zijn. Er zou onenigheid hebben bestaan over een samenwerking of fusie met omringende gemeenten. Volgens de verhalenverteller werd het hoogoplopende meningsverschil toen gesust door er de 'doos van Betje' bij te halen. Dat bleek een sigarenkistje te zijn. Het gezelschap sprak op aanmoediging van Geert een historische bezwering uit en het wonder geschiedde! Op de 'dakrand' werd een sigaar 'getoverd'. Op deze avond bleken er echter wasknijpers uit te komen omdat in het huidige museum uiteraard niet gerookt mag worden. Het was een heel leuk begin van deze avond, die ook voor het Museum een 'try out' was.

Het gezelschap werd daarna gesplitst in drie groepen. Eén groep ging met Aafje mee naar de zolder, naar Kippenrust'. Daar ging Aafje op haar gemak naast het schrijftafeltje zitten om te vertellen over het wonderlijke leven van Betje Decker, die na haar huwelijk met dominee Adrianus Wolff in Beemster kwam wonen. Voor een meisje van zeer rijke komaf had ze zich laten schaken door een onbeduidend vaandrigje en dat was haar duur komen te staan: verbanning uit de familie en een gedwongen huwelijk met een 25 jaar oudere dominee. Maar haar gedachten en zielenroerselen kon men haar niet afnemen en -het moet over de dominee gezegd worden- dat hij zijn jonge gemalin alle ruimte gaf om zich literair te ontwikkelen zodoende maatschappelijke toestanden te becommentariëren.

Na de zolderkamer de trapjes af naar de keuken, waar Geert weer teruggevonden werd en in naar hij verklaarde 'Swiebertjesachtig'vertrek. Deze keuken was er in Betjes tijd niet, maar werd in later jaren bijgebouwd. Ook hier had hij weer een geweldig verhaal over de twee porceleinen hondjes in de vensterbank. Wikipedia geeft er de volgende aardige verklaring bij in het Veluws:

Stienen hönties bint twee witte of zwart-wit eglazuurde hönties die van stien emaakt bint. Ze stiet vake as versiering op de vinsterbanke. Vrogger zat der ok een symboliek achter en ze worden veur 't raam ezet. As de hönties naor buten keken was de 'dame' die daor woonde niet bezet en as ze naor binnen keken had ze al herenbezeuk. Disse betekenisse ku-j ok zien an de Barreveldse benaming hoerenhondjes. Zeelu nammen de hönties nao een lange reize vake mee.

En zo werden ze verspreid over de wereld. Hoe het museum aan deze schenking is gekomen, wordt niet in de boeken vermeld.

Maar Geert was nog niet uitgepraat, want daar was het kastje van de 'kassiesman'. Op het platteland had je niet zoveel winkels en daarom kwamen neringdoenden met hun assortiment aan goederen zelfs langs de huizen. Dit kastje is van iemand, die garen en band, knopen, enzovoort verkocht. Soms was er ook een lappenkar en zelfs een 'diggelenboot', die serviesgoede aan de plattelander wilde verkopen. Omdat deze reizende verkopers natuurlijk onderweg veel nieuwtjes opdeed zorgde zijn bezoek voor veel afleiding in de tijd dat er nog geen kranten, radio of TV waren. De kassiesman ontpopte zich als een artiest, die zijn nieuwtjes op een speciale manier ging brengen. Hij ging zich specialiseren in smartlappen. In het begin gebruikte hij daarvoor een witte lap, waarop hij met houtskool het meest wonderlijke nieuws bracht: een moord, een bedrog, geldroof, je kunt het niet bedenken, maar het gebeurde allemaal en dat leverde hem ook nog wel weer een paar extra centjes op.

Het laatste bezoek betrof de tuinkamer, waar Alie aan de hand van de inhoud van de prachtige linnenkast vertelde over mode en gebruiken. Museum Betje Wolff beschikt over een zeer uitgebreide collectie ondergoed. Allemaal afkomstig van schenkingen. Daarvan is de open broek, die rond 1860 gedragen werd, toch wel een pronkstuk. Het is zo'n beetje de eerste onderbroek die gedragen werd. In de tijd daarvoor was dit ondergoed onbekend. Vrouwen droegen hele lange hemden, waarvan ze de slippen tussen hun benen trokken en daarover hadden ze vele rokken. In het boekje Ondergoed.... goed verborgen staat er het volgende over:

...De open broek (fuk, open rijtuig of 'twee billen aan een bandje') is van stevige katoen, 's winters is de stof aan de binnenzijde geruwd. De tailleband, vrij breed, sluit mid denvoor met twee haken en ogen. De pijpen zijn kuitlang en houden de kousen op hun plaats door strikbanden Men trekt eerst de kousen aan, dan de broek die op de enkels blijft hangen. Daarna worden de banden aan de pijpboorden aan de binnenkant vast gestrikt. Als vervolgens de broek omhoog wordt gehaald, zie je geen strikbanden langs de kuiten hangen....

'Nog een 'Betje avond
Het was een leuke gezellige avond, waarbij het aantal bezoekers wegens de intimiteit van het museum op slechts maximum twaalf was gesteld. Maar het Nut Beemster heeft nog een Betje avond besproken en wel op: 27 januari 2012. Wie het dan niet wil missen moet van te voren even een mailtje sturen aan info@hetnutbeemster.nl